Kabouters en elfjes

Kabouters wonen in paddenstoelen. Maar soms ook bij mensen in huis. Ze werken altijd heel hard en vinden het fijn mensen en dieren te verrassen. Meestal hebben ze een witte baard met een rood puntmutsje.
Elfjes wonen ook in het bos bij de kabouters. Zij wonen in bloemen en bomen. Zij hebben heel fijne vleugeltjes waarmee ze kunnen vliegen. Meestal zijn elfjes heel lief en zorgzaam. Maar er zijn natuurlijk ook heel ondeugende kabouters en elfjes.

kabouter

Kringgesprek:

Verzin een kort verhaaltje dat je vanmorgen uit bed kwam en dat de hele keuken schoongemaakt was. Zouden de kaboutertjes het gedaan hebben?
Hoe ziet een kabouter er uit?
Waar wonen kabouters?
Hoe hun huis er uit?
Zouden kabouters in China er hetzelfde uitzien, als onze kabouters?
Moeten kabouters ook naar school?

elfje
Wat doen kabouters allemaal? Kunnen ze echt alles, of weet je misschien iets wat ze niet kunnen.?
Zouden kabouters ook hobby’s hebben? Of hebben ze daar misschien geen tijd voor?
Wat doen kabouters vooral in de herfst?
Zouden ze wel eens jarig zijn of ziek? Gaan ze wel eens op vakantie?
Hoe verplaatsen ze zich?
Hoe zien kaboutervrouwtjes en kinderen eruit?
Wat eten kabouters en hoe komen ze daaraan?
En hoe zit het dan met elfjes?

lantaarn

Taalontwikkeling:

Beroemde kabouters zijn: Pinkeltje, Spillebeen, Klaas Vaak, Plop, Prikkeprak, David de kabouter, Wiplala, de dwergen van Sneeuwwitje, Repelsteeltje.
Namen bedenken voor allerlei soorten kabouters. En hoe zou die kabouter er uitzien?

Woorden over elfjes en kabouters:

boek

Kabouterspreekwoorden:

Woorden zijn dwergen, daden zijn bergen – Met praten gebeurd er niet zo veel, je moet het echt doen.

Dat hebben de kaboutertjes zeker gedaan? – Als je niet weet wie het zo netjes of juist vies gemaakt heeft.

paddenstoel

De Kabouters van Scouting hebben hun eigen alfabet:

Kabouter_geheimschrift

 

kampvuur

Woordspin:

“Kabouter”

Neem een groot vel papier en teken een kabouter in het midden. Dan in één hoek een kledingkast, in de andere hoek een bord met lepel en vork, in de derde hoek een hamer, en in de laatste hoek een boek. Nu gaan we bedenken:
Eén: wat een kabouter voor kleding heeft en wat hij voor zijn uiterlijk doet.
Twee: wat een kabouter eet en waar hij het vandaan haalt en hoe hij het klaarmaakt.
Drie: wat een kabouter voor een werkjes doet en wat hij daar voor nodig heeft.
Vier: wat een kabouter voor hobby’s heeft, wat doet hij in zijn vrije tijd.

kruiwagentje

 

Kabouter knutselwerkjes:

Een kabouter vouwen:

kaboutervouw2

kaboutervouw

Van een closetrolletje kabouters en elfjes maken:

kabouter_closetrol

elfje

Een tafelpoppenkast

van een schoenendoos met daarbij stokpopjes van kabouters en elfjes:

tafelpoppenkast

Kaboutermodeshow:

Kinderen ontwerpen hun eigen mutsen.

Liedjes en versjes over kabouters:

hark

Elfjesdans

Het schijnsel van de maan,
trekt alle elfjes aan.
Zij dragen schoentjes van zijde
en zij dansen op de weide.

Zij dansen in ’t rond
en zweven hoog boven de grond.
Eén elfje zingt er een liedje bij
en zij dansen in een rij.

konijntje

Wat doen alle dwergen

Wat doen alle dwergen? Zij werken in de bergen.
Wat krijgen zij te eten? Ik zou het echt niet weten
Wat dragen zij voor kleren? Een jas met rode veren.
Wat hebben zij op hun hoofd? Een puntmuts, als je ’t gelooft.
Wanneer gaan zij slapen? Zo gauw er één gaat gapen.

schep

Feest

’t Is feest in het kabouterland,
de kabouters dansen hand in hand.
van je hi, hi, hi, van je ha, ha, ha,
tra-la-la-la-la-la-la-la!

Ze eten van de krentenmik,
hun buikjes worden rond en dik.
van je hi, hi, hi, van je ha, ha, ha,
tra-la-la-la-la-la-la-la!

bijl
Tibbedaan

(A.M.G. Schmidt)

Er was eens een kaboutertje,
hij heette Tibbedaan.
Hij had een klein rook mutsje op
en rode schoentjes aan.
Hij had een lief klein huisje
in een boomstam, moet je weten.
Daar kookte hazelnotenpap
en hazelnootpuree,
hij kookte hazelnotensoep
en hazelnoot hachee.
Na elke maaltijd nam hij dan
een hazelnootje toe.
Zou jij dat altijd lekker vinden?
Nou, ik niet a-boe!

schoffel

In ’t huis van Klaas en Woutertje

(A.M.G. Schmidt)

In ’t huis van Klaas en Woutertje
daar woont een klein kaboutertje,
een heel erg klein kaboutertje,
met rode wantjes aan.
En ’s avonds om een uur of tien
dan kun je hem daar bezig zien,
maar denk er om, niet roepen
want daar schrikt hij altijd van.

toverstokje

Kabouter Hippel

Daar gaat Kabouter Hippel
wat is dat ventje klein.
Kijk naar dat getrippel
van voetjes, voetjes fijn.

Hippeltrippel, hippeltrippel, hippeltrippel trip. (2x)

Een mutsje met een pluimpje,
een lange witte baard,
een ventje als Klein Duimpje,
dat is een dansje waard!

Hippeltrippel, hippeltrippel, hippeltrippel trip. (2x)

trekzaag

Wil ik naar mijn tuintje gaan

Wil ik naar mijn tuintje gaan, om wat water te gieten,
dan zie ik daar een kabouter staan, die begint te niezen.

Wil ik naar mijn keukentje gaan, om een soepje te koken,
dan zie ik daar een kabouter staan, die een mok heeft gebroken.

Wil ik naar mijn kamertje gaan, om mijn papje te eten,
dan zie ik daar een kabouter staan, die te veel heeft gegeten.

Wil ik naar de kelder gaan, om wat hout te halen,
dan die ik daar een kabouterman, juist de trap afdwalen.

Wil ik naar de slaapkamer gaan, om mijn bed op te maken,
dan zie ik daar die kabouterman, slapen onder mijn laken.

verfpot

De kabouterdans

Vijf kabouters dansen in de kring.
Eén krijgt er buikpijn, ’t arme, kleine ding
gaat naar huis en kijk, wat zien we daar?
Vier kabouters dansen met elkaar.

Vier kabouters dansen in de kring.
Eén moet er eten, ’t arme kleine ding
gaat naar huis en kijk, wat zien we daar?
Drie kabouters dansen met elkaar.

Drie kabouters dansen in de kring.
Eén moet gaan slapen, ’t arme kleine ding
gaat naar huis en kijk, wat zien we daar?
Twee kabouters dansen met elkaar.

Twee kabouters dansen in de kring.
Eén stoot zijn teentje, ’t arme kleine ding
gaat naar huis en kijk, wat zien we daar?
Eén kabouter, Oh, wat is dat naar!

Vier kabouters zien die ene staan.
Zeggen: Wat zielig, doen we daar wat aan?
Gaan er heen en kijk wat zien we daar?
Vijf kabouters dansen met elkaar!

diamanten

Dwergen

Ver weg in de Pimpelpaarse bergen
op een open veld, met gifgroen mos.
dansen ’s avonds veel te grote dwergen
in het Dubbelzoute bessenbos.
OE-AH! Roept dan eerst de leider.
OE-AH! Roept dan iedereen.
En dan kruipen allen in hun slaapzak
bij een hele grote steen.

’s Morgens speelt de voorman op zijn dwarsfluit,
worden eerst de neuzen nageteld.
Na het eten van een bordje onkruid
wordt dan het programma opgesteld.
OE-AH! Roept dan eerst de leider.
OE-AH! Roept het hele koor.
Dan gebeurt er vele uren niets meer
en daar gaan ze dan mee door.

’s Middags moeten alle dwergenleren
in een soort van open schoolplantsoen
hoe een dwergenkoning moet regeren
wat-ie wel en wat-ie niet moet doen.
OE-AH! Roept dan eerst de leider.
OE-AH! Roept de hele klas.
Dan gaan ze een uurtje protesteren
en het blijft zo als het was.

’s Avonds gaan ze samen bellen blazen,
wordt een bak met zeepsop neergezet.
en dan kruipen allen door de mazen
van het kleuren televisienet.
OE-AH! Roept dan eerst de leider.
OE-AH! Roept het hele koor.
En dan dromen zijn van kleine dingen
want daar zijn het dwergen voor.

gieter

Woutertje kaboutertje

Woutertje Woutertje, wiebel wiebel wiebel woep.
Piepklein kaboutertje komt als ik roep.
Woutertje Woutertje, piepklein kaboutertje
Wiebel wiebel wiebel woep,komt als ik roep.

Ik heb ‘m al jaren en nooit geeft ‘ie last.
Hij woont in een trommeltje onder de kast.
En ’s morgens om zeven uur hoor je geluid,
Dan roept ‘ie om eten, dan wil ‘ie eruit.

Ik zag hem voor het eerst op de mat in de gang,
Ik zei goeiemorgen ben jij hier al lang.
Hij zei nou ik denk een minuutje of vijf,
Ik vind je wel aardig, ik denk dat ik blijf.

Hij is reuze aardig we hebben veel pret,
Maar ’s avonds om zeven uur moet ‘ie naar bed.
Hij trekt een pyjamaatje aan van katoen,
Dan bindt ‘ie zijn baard op en krijgt nog een zoek

vos

Drie kaboutertjes

Drie kaboutertjes die dansen in het bos.
Eén gaat er weg, die gaat slapen op het mos.
Twee kaboutertjes die dansen in het bos.
Eén gaat er weg, want zijn vetertje zit los.
Eén kaboutertje danst nu helemaal alleen.
Hij kruipt gauw in zijn paddenstoel
Nu zie je er geen een.

houweel

Hompeltje en Pompeltje

Hompeltje en Pompeltje, die zaten op een berg
Hompeltje Kabouterman en Pompeltje de dwerg
Ze klommen zo hoog, tot aan het topje
en schudden daarna met hun kopje
toen zijn ze in de berg gekropen
en niemand zag ze ooit weer lopen
ssst, ik geloof dat ik ze hoor!
Ze liggen te slapen, op één oor.

houtblok

Slapen

Als de kaboutertjes slapen gaan
dan moeten toch ook nog hun tandjes gedaan
met een klein borsteltje, roetserderoets
worden hun tandjes en kiesjes gepoetst
eventjes spoelen, dan is ’t genoeg
en welterusten, tot morgen vroeg!

hamer

Kabouter Basje

Kabouter Basje viel in een plasje
Nou, dat was me even wat
Bas was kledder, kleddernat!
Nat zijn broekje, nat zijn jasje
Nu moet alles aan de lijn,
drogen in de zonneschijn.

mos

Kabouter Ping Polle

Kabouter Ping Polle had zo’n verdriet
Want in zijn paddenstoel trok de schoorsteen niet.
Hij bibberde al van de kou…
Zijn kleine neus zag donkerblauw.
Tot Toon de eekhoorn op kwam dagen
om naar Ping Polles neus te vragen.
“Och, och,” zei Toon, “Wat een verdriet.
Mijn lieve vriend, zo gaat dat niet.
Ik veeg je schoorsteen met mijn staart
Mijn pluim komt vast tot in jouw haard.”
En zo gezegd… en zo gedaan…
De eekhoorn is aan het vegen gegaan…
En zwart dat zijn prachtige pluim daarna was!
Ping Polle heeft hem gewassen in een regenplas.

Follow Themapalet *’s board Thema: Kabouters en elfjes on Pinterest.

handboor

Leuk om te lezen: Bestaan kabouters nu wel of niet?

heggenschaar

Boeken over kabouters:

Het jaar rond met de vier kaboutertjes.
Naar school met de vier kaboutertjes.
Kerstfeest met de vier kaboutertjes.

het-jaar-rond

Deze drie boeken zijn geschreven door Marianne Busser en Ron Schröder.
De illustraties zijn van Jeska Verstegen.
Er staan lange en korte versjes in. Heel geschikt om na te zeggen en uit te beelden.
De liedjes zijn ontzettend mooi en goed aan te leren. (compleet met bladmuziek en accoorden)

Kasper de kabouter door Franchine Oomen en illustraties van Rien Poortvliet.

Rien Poortvliet heeft boeken met prachtige kaboutertekeningen gemaakt:
Leven en werken van de Kabouter
De oproep der Kabouters
Klaas Vaak
Kabouterkinderversjes
Kabouter Spreekwoordenboek
Het kabouterkookboek
De wereld van de kabouter

handzaag