Tag Archives: leesrups

Herfst in het land

De herfst is een rijk seizoen, de materialen liggen voor het oprapen. De herfst heeft heel veel aspecten om over te werken. Denk maar aan: paddenstoelen, vruchten en zaden, spinnen, heksen en kabouters, het verkleuren van de bladeren, het hamsteren van de dieren, vogeltrek, het afsterven van planten, storm en regen. Als je echt een project over de herfst wilt doen, zorg er dan voor dat alle aspecten enigszins aan bod komen.

het_weer

Kringgesprek (1)

Hoe merk je dat het herfst wordt?
Het weer: kortere dagen; kouder, regen, wind, wintertijd.
De kalender: 22 september tot 21 december.
De bladeren verkleuren en vallen naar beneden.
Bomen en struiken hebben vruchten.
Er zijn veel paddenstoelen.
Er zijn veel spinnen met webben.
Je ziet grote groepen vogels wegtrekken.

maiskolf

Kringgesprek (2)

Wat doen de dieren in de herfst?
Hamsteren voor de winter.
Wintervacht.
Maken holletjes en trekken zich terug.
Trekken naar het zuiden.
Wat is een winterslaap (of winterrust)? Welke dieren doen dat? (egel, eekhoorn)
Een winterslaap is een toestand van verdoving, waarbij het dier maanden lang, met maar enkele onderbrekingen, volledig in rust is. Eten en drinken doet het dan ook niet. De lichaamstemperatuur daalt sterk en alle inwendige processen (ook de hartslag en de ademhaling) verlopen sterk vertraagd.

eekhoorntje

Kringgesprek (3)

Wat gebeurt er met de planten?
Ze maken zich klaar voor de winter.
De bovenkant sterft af (het is te nat, koud en donker in de herfst en winter), maar ondergronds blijven ze leven. (in wortel, stengel, bol of knol)
Sommige planten hebben zaad gemaakt, daar groeien nieuwe planten uit in het voorjaar.
Bomen dragen vruchten in de herfst. Welke ken je al?
Wat kan je allemaal met die vruchten doen? (appeltaart, appelmoes, tomatensoep, pompoenen uithollen, pompoensoep, jam, sap)

eikels

Stempelkaartjes Herfst:

 

Woorden over de herfst:

boek

Spreekwoorden over het weer:

Naar de bliksem gaan. = Helemaal kapot gaan.

Loop naar de bliksem. = Ga weg! Ik wil je niet meer zien!

Na regen komt zonneschijn. = Na een moeilijke tijd gaat het vast weer beter.

Hoge bomen vangen veel wind. = Belangrijke mensen krijgen vaak kritiek.

Als een donderslag bij heldere hemel. = Het was totaal onverwacht.

paraplu

Een herfsttafel

compleet met kabouters en elfjes (van vilt), zelfgemaakte paddenstoelen, kruiwagentjes van karton, egeltjes van brooddeeg of knuffeldieren en beeldjes. Bakjes, mandjes of potjes om alle materialen in te sorteren. Etiketten erop.
Vruchten, zaden en bladeren, mooie posters, foto’s. Knuffels van egels, eekhoorns enz.

Paddestoel

Webben vangen

In een gebogen twijgje kan je gemakkelijk een web vangen.
Of neem een zwart blaadje, houdt het achter een web en schep het erop. Strooi er heel voorzichtig, met een theezeefje, wat meel over.
Webben vangen is het beste te doen in de ochtend, dan heeft de spin nog tijd en kracht om een nieuw web te maken.

webvangen

Taal-denkontwikkeling:

‘Waarom krijgen de bladeren zulke mooie kleuren’
Alle bomen hebben water nodig. Net als mensen, dieren en planten. In de winter drinkt een boom niet zoveel, net als wij, omdat het dan koud is. De boom drinkt in de herfst te weinig water voor zijn blaadjes, die vallen dan van de takken. En een boom is heel zuinig, want voordat hij het blaadje laat vallen zuigt hij eerst zoveel mogelijk groen sap uit het blaadje terug. Dat kan de boom wel goed gebruiken voor zijn nieuwe blaadjes in de lente. En omdat die boom het groen uit de blaadjes “zuigt”  blijft er geel of rood over. Zijn de blaadjes helemaal uitgedroogd, dan worden ze bruin.
Als het ‘s nachts gevroren heeft, liggen er ‘s morgens veel meer blaadjes dan na vorstvrije nachten.

blaadjeshoop

Proefje met bladeren:

Nerven maken:

Als je bladeren in water met wat soda, voorzichtig kookt, dan houdt je alleen de nerven over.
Tussen wat kranten en keukenpapier laten drogen. Je kunt ze daarna goed bekijken met een loep.

beukenblad

Rekenen in de herfst:

Met herfstproducten kan je heel veel leuke rekenspelletjes en lesjes doen.
Tellen, verdelen en sorteren van eikels en kastanjes.
Van groot naar klein of van groen naar geel/rood bruin leggen.
Meten en wegen.
Een winkeltje met doosjes en zakjes vol herfstspulletjes.

zonnebloemzaad

Herfstspelletjes:

Herfstmemorie:

Een groepswerkje. Je hebt nodig zo’n 40 (vouw-)kartonnen van 10×10, allen in dezelfde kleur. Bladeren en herfstproducten, kurken, kwasten, spatraam, verf.
De kinderen maken steeds twee dezelfde kunstwerkjes. Ze kunnen stempelen, spatten of schilderen. Als alle werkjes droog zijn kan het spel gespeeld worden.

esdoornblad

Herfstvoeldoos:

Vul een schoenendoos met allerlei verschillende herfstspulletjes. Maak een gat aan de zijkant, waar een kinderhand door past. Lijm de schaft van een oude kniekous met houtlijm aan de binnenkant van het gat vast. Laat de rest van de kniekous aan de buitenkant hangen. Nu is het nog spannender om te voelen.

voeldoos

Herfstlotto:

Je hebt nodig 4 kastanjes, 4 eikeltjes, 4 helikoptertjes, 4 dennenappeltjes, 4 eikelpijpjes, 4 dennennaalden en een dobbelsteen. Print het blad voor de herfstlotto uit.
Gooi met de dobbelsteen. Zoek hetzelfde aantal op je blad. Het herfstartikel dat daar afgebeeld staat mag je pakken en op je blad neerleggen. Gooi je een aantal ogen waar al wat ligt, dan gaat je beurt voorbij. Wie het eerst zijn blad vol heeft is de winnaar.

helicopter

Kastanje-knikker-spel:

Nodig: 6 kurken, 3 kastanjes. Zet cijfers op de kurken. Het grappige van dit spel is dat de kastanjes hun eigen weg zoeken, want ze zijn natuurlijk niet zo rond als knikkers. Wie heeft er na drie keer rollen de meeste punten?

kastanjekegelen

Poortjesspel met kastanjes:

Maak een poortjesspel van een schoenendoos. Beschilderen in herfsttinten en beplakken met bladeren. Zet cijfers boven de poortjes. Iedere speler mag drie kastanjes rollen. Wie heeft de meeste punten?

poortjesspel

Knutselwerkjes over de herfst:

Herfstboom in de klas

Heel veel closetrolletjes in herfstkleuren schilderen. Met dik draad kettingen van rijgen. Aan het plafond of aan de wanden bevestigen. De onderkanten bij elkaar knopen en in een dikke, geschilderde, koker vastmaken. Beplakken met bladeren.

Herfstboom_in_de_klas

Herfstboom

Schilder een kale boom met kale takken op stevig karton. Beschilder puzzelstukjes in herfsttinten en beplak de boom ermee.

boom_met_puzzelblaadjes

Herfstboek

Bladeren van een aantal bomen laten drogen. Een schorsafdruk van de betreffende bomen maken. Een wit vel ertegen leggen en met een plat wasco-krijtje erover strijken. Tekeningen maken van de vruchten van deze bomen. De naam van de boom stempelen. Van het geheel een boek maken voor in de klas.

kastanjeblad

Bladafdrukken:

Neem een aantal mooie herfstbladeren. Laat de kinderen zien dat er een bovenkant en een onderkant is. Aan de onderkant zitten nerven (soort van bloedvaten), daar gaat het sap (bloed) van de boom doorheen.
Leg de nerven naar boven en leg er een tekenvel erover. Wrijf dan met een plat wasco-krijtje erover heen.
Of de onderkant van een blad insmeren met verf en afdrukken op papier.
Neem voor elke afdruk een mooie herfstkleur.
Een stuk rivierklei (of speelklei) uitrollen. Een blad erop drukken en met een prikpen “uitsnijden”, laten drogen. Bakken in een kleioven. Nog leuker: Glazuren en als theetipje gebruiken.

blaadjes_met_nerf

Kastanjekometen:

Maak een gaatje in een kastanje. Neem wat sliertjes crêpepapier en duw die erin. Nu kun je er leuk mee werpen, of overgooien.

kastanjekomeet

Herfstbakjes:

Vouw van een stevig groot vouwblad een peper-en-zoutstelletje. Zie voorbeeld hierboven.
Je kunt ze vullen met herfstspulletjes. Als je meerdere peper-en-zoutstelletjes maakt kun je ze boven elkaar vastmaken en ophangen.Maak een kastanje vast aan een draad en rijg daar de vouwwerkjes aan vast. Aan de bovenkant een lus knopen om op te hangen.

peperzout

Toverblaadjes:

Trek een aantal herfstbladeren over op stevig karton. Uitknippen. De randen insmeren met vet wasco-krijt. Dan op een tekenblad leggen, het kartonnen blad goed vasthouden en met de andere vingers de randen uitwrijven. Verschillende blaadjes dwars over elkaar leggen geeft een mooi effect.
Met een tandenborstel en een spatraam Neem wat verdunde verf of ecoline. Leg herfstbladeren op een vel papier. Spatten boven herfstbladeren, haal voorzichtig het blaadje weg, je houdt een mooi wit herfstblad over.

toverblaadjes

Spinnenweb in de klas:

Span verschillende draden kruislings in een hoek van de klas en tegen het plafond. Dan het midden bij elkaar knopen en een web weven. Een mooie spin van chenilledraad erin.

spinnenweb

Elfje en kabouter van een closetrolletje:

Op een herfsttafel staan ze heel leuk, deze knutselwerkjes.

elfje

Egeltje van een bolster:

Maak een egeltje van een dotje klei, als stekeltjes kun je een stuk bolster van een tamme, of een paardenkastanje nemen.

bolster_egeltje

Herfstvruchten om sap of jam van te maken:

bramen

Bramennat of vlierbessennat:

Maak de vruchten eerst schoon in water, daarna in een pan met een laagje water kort laten koken. De hele inhoud leeggieten door een zeef. (of een vergiet met daarin een katoenen lap) De besjes platdrukken met een (houten-) lepel. Eventueel suiker naar smaak toevoegen. Af laten koelen. Van dit vruchtennat kun je gelei maken wanneer je maizena of custard toevoegt.

vlierbes

Rozenbotteljam:

Pluk mooie oranje-rode rozenbottels. Haal de kroontjes en steeltjes eraf. Snij doormidden en verwijder de zaadjes met de achterkant van een theelepeltje. Pas op: De haartjes van de zaadjes kunnen erg jeuk veroorzaken. Wassen in ruim water. Doe de rozenbottelhelftjes in een pan en vul aan met water totdat ze net onder water staan. (Rozenbottel is een vrij droge vrucht). Ongeveer een kwartier zachtjes laten koken. De staafmixer door het hete goedje roeren. Daarna door een zeef drukken. (Gelei-) suiker naar smaak toevoegen.

rozenbottel

Lijsterbessen:

Vogels zijn dol op lijsterbessen! Van lijsterbessen kun je ook jam maken.

lijsterbes

Egeltje van brooddeeg:

Maak van brooddeeg een egeltje. Steek er dennennaalden of kleine stokjes in als stekeltjes.

Brooddeeg recept:

3 koppen witte bloem
1 kop zout
1,5 kop water
Voeg zonodig bloem of water toe. De werkstukken worden in een gewone keukenoven gebakken op 175 °C.
Wanneer je de werkstukken niet erg bruin wilt hebben, bespuit ze dan niet of nauwelijks met water.
Wilt je ze juist wel bruin bakken, spuit ze dan tijdens het bakken enkele malen nat.
Tenen kransen kunnen meegebakken worden. Maar ga nooit hoger dan 200 °C, want dan gaat het hout smeulen.
Wanneer je tegen het deeg tikt en het klinkt alsof je tegen steen tikt, is het werkstuk door en door hard.

Egeltje

Specht in boom:

Print de kleurplaat van de specht. Ga naar buiten en zoek een boom uit met een mooie schors. Dan houd je het blad tegen de stam aan en wrijft met een plat wascokrijtje over het papier. Zo krijgt je blaadje een echte schorsafdruk.

 

Kleurplaat herfstkabouter:

herfstkabouter

Liedjes en versjes over de herfst:

Herfst wat heb je te koop

Herfst, herfst wat heb je te koop
Honderdduizend bladeren op een hoop
Zakken vol met wind, ja m’n kind
Ik hoop maar dat jij dat wel aardig vindt.

storm

Herfst

(door Cees West)
In september komt de herfst in ons land,
kou in ons land, brr in ons land.
In september komt de herfst in ons land
en dan is de zomer voorbij.

De wind waait door de straat en ‘t bos
en blaast van de bomen de bladeren los.
zijn vriend de regen speelt met hem mee.
Oh, wat hebben ze een lol die twee.

regen

Het regent

Het regent, het regent, het regent dat het spat,
en wie niet snel naar binnen gaat, die wordt kletsnat!

naaktslak

Tikketakke regen

Tikketakke regen, tik tak op het dak.
Tikketakke regen, op de wegen.
Plens, plens, plas, plas, plas.
Druppeltjes op m’n regenjas.

laarzen

Pak je laarzen

Pak je laarzen, pak je jas,
moeder breidt een wollen das.
Loop maar in de regen,
loop maar in de wind.
klap in je handen m’n lieve kind.

onweer

Regen

Regen, regen, daar kunnen wij wel tegen.
Vlug je jas en laarzen aan, dan kunnen we naar buiten gaan.

mol

Alle bomen in het bos

Alle bomen in het bos laten nu hun blaadjes los.
‘k Zoek die blaadjes langs de kleine paadjes
van het grote dierenbos.

peer

Blaadjes vallen

Blaadjes vallen van de bomen,
tja, de herfst is weer gekomen
Blaadjes, groen, geel, rood en bruin
vallen in onze tuin.

meloen

Raadsels in oktober:

Met m’n kleine vleugeltjes, vlieg ik in ‘t rond
fladder als een vlindertje, langzaam naar de grond. (esdoorn helikoptertje)

Schrik niet ik kan prikken hoor! Pluk me niet te snel.
Als ik bruin van binnen ben, kom ik zelf wel. (Kastanje)

Op m’n hoofd een kleine hoed. In de herfsttijd,
raak ik als ik vallen moet, soms m’n hoedje kwijt. (Eikeltje)

Binnenin een kleine schil zit een lekkernij.
Als je dat graag eten wilt, mag dat wel van mij. (Zonnebloemzaadje)

Rood, oranje appeltjes, pitjes in mijn buik
kroontje op mijn bolletje, stekels aan mijn struik. (Rozenbottels)

zonnebloem

Als het herfst wordt

Blaadjes vallen van de bomen,
als het herfst wordt, als het herfst wordt.
Blaadjes vallen van de bomen,
als het herfst geworden is.

Hoei, blaast de wind door de blaad’ren.
Hoei, blaast de wind door de straten.
Blaadjes liggen op de straten,
als het herfst geworden is.

web

Alle blaadjes

Alle blaadjes aan de bomen,
worden bruin en rood en geel.
En ze vallen daarna langzaam
op de grond, wat zijn ‘t er veel.

vogeltrek

De blaadjes aan de bomen

De zomer is nu weer voorbij de blaadjes worden al bruin
ze vallen eraf als het waait, er ligt al een hoop in de tuin.
Maar ik heb een heel goed idee: met lijm en wat verf en een kwast
we kleuren die blaadjes weer groen en lijmen ze allemaal vast!

regenboog

Als het regent

Huppel druppel regendropje,
val maar op m’n blote kopje,
val maar op m’n regenjas,
huppel druppel, plas, plas, plas.

kastanje

Hoor de wind

Hoor de wind eens waaien, hoei, hoei, hoei.
Zie je de bomen zwaaien, hoei, hoei, hoei.
Ga niet zo tekeer, jij lastige meneer,
ik blijf lekker binnen, wat een lelijk weer!

eekhoorn

Alle bomen

Alle bomen in het bos
Laten nu hun blaadjes los
‘k zoek de blaadjes
langs de kleine paadjes
van het grote dierenbos.

bolster

Het ritselt

Het ritselt in de bomen,
het ritselt in het bos.
nu is de herfst gekomen,
de blaadjes laten los.

Dat heeft de herfst gedaan

Hoe ben ik aan zo’n koud neusje gekomen?
Dat heeft de herfst, de herfst gedaan.
Geel zijn de blaadjes aan de bomen,
dat heeft de herfst, de herfst gedaan.
Koud, koud, koud, fris, fris, fris.
Het wordt nog kouder als het winter is.

De pruimenboom

Onze boom hangt vol met pruimen.
Rode zijn het, lekker zoet.
‘k Zou ze toch zo graag gaan plukken,
maar dat kan ik nog niet goed.

‘k Ben te klein nog, maar vanavond
klimt mijn vader er wel in.
‘n hele mand vol gaat hij plukken.
Oh, wat fijn, ‘k heb nu al zin!

Herfst in het land

Na de warme droge zomer is de herfst weer in het land.
Buiten wordt nu alles anders: er is heel veel aan de hand.
Heel de wereld gaat verkleuren: groen wordt rood, geel, donkerbruin.
Blaadjes vallen van de bomen en bedekken onze tuin.

Wakker worden in het donker, buiten is het nat en fris.
‘s Avonds niet meer buiten spelen dat is iets wat ik wel mis!
De natuur geeft ons veel vruchten droog of sappig, hard of zacht
appels, peren en meloenen, noten met een harde bast.

Vogels trekken naar het zuiden in een groep of heel alleen
voor de winterkou zal komen zonder voedsel, heel gemeen.
Alles lijkt nu te gaan sterven planten, bomen zonder kleur
lijken kale dode stokken en je ruikt een muffe geur.

Ieder knopje

Ieder knopje, ieder zaadje
ook al zijn ze nog zo klein,
zeggen dat er na de winter
weer een lentezon zal zijn.

Kastanjes

Zie je de kastanjes aan de bomen
Zie je alle eikels op het mos
Nu is het herfst, de bladeren vallen
Nu is het herfst in ieder bos

Spinnetje

Een spinnetje kriebelt over m’n arm
zijn webje wiebelt, de zon is warm
kriebelpootjes op mijn wang
Nee, ik ben niet bang.

Herfstraadseltje (2)

Roodbruin met een mooie staart
Klimt hij de boom in met een vaart!
Dol op nootjes is die guit!
Wel, hoe heet hij?
Vind dat eens uit!
(Eekhoorn)

Eekhoorntje

Twee oogjes als kraaltjes,
twee oortjes zo klein,
een hele dikke pluimstaart,
wie zou dat wel zijn?
Boomklimmen dat kan hij!
En raad eens wat hij eet:
Vooral heel veel nootjes,
‘k Wed dat je’t nu weet!

Het regent eikels en kastanjes

Het regent eikels en kastanjes
kijk ze vliegen in het rond
hier en daar strooien de bomen
beukennootjes op de grond

Je ziet de paddestoelen groeien
blaadjes worden geel of bruin
ganzen vliegen naar het zuiden
en ‘t wordt steeds kouder in de tuin

Een boom verliest zijn laatste blaadjes
de koeien blijven in de stal
het is of alles wil vertellen
dat het winter worden zal

Een nieuwe kleur

Als de zomer haast voorbij is
staat de herfst al voor de deur
dan krijgen alle groene blaadjes
stuk voor stuk een nieuwe kleur

soms gaat dat een beetje langzaam
elke dag een blad of twee
als de boswachter dus tijd heeft
helpt hij graag een handje mee

Hij staat urenlang te zwoegen
met een verfbord en penseel
en hij maakt de groene blaadjes
rood, oranje, bruin of geel

eindelijk – het laatste blaadje
nu zijn alle bomen klaar
en als de blaadjes straks gaan vallen
harkt hij alles bij elkaar!

Het weer

Foei, wat een weer
Bromde de beer.
Ik blijf thuis,
Piepte de muis.
De vos zei: regen?
Daar kan ik wel tegen!
‘t is om te huilen,
Krasten de uilen
En dan die wind….
Zei ‘t eekhoornskind
‘t Is bar en slecht!
Tikte de specht
Maar…de haas, die guit
Ging doodgewoon uit!
Hij nam een blad
En legde dat
Over zijn oren
En werd niet nat!

Mist en regen

Mist en regen
Gladde wegen
En een koude, natte wind
Duizendtallen
Blaren vallen
Als het najaar weer begint.

Herfst in het bos

Plof, daar valt een eikeltje
op het zachte mos
Honderdduizend blaadjes
Dwarrelen door het bos
Honderdduizend paddestoelen
groeien in het mos
Kinderen dat betekent
Het is herfst in het bos.

November! (1)

November, november,
daar komt een hele vlucht
van kleine gele bladeren
gedwarreld door de lucht.

November, november,
de wind zwiept door de takken.
Ik loop de dorre blaadjes na,
maar kan ze haast niet pakken.

Populieren

Langs de dijk staan met z’n vieren
hoge zilverpopulieren.
Wuiven maar, buigen maar.
Naar mekaar en van mekaar.
En hun babbelende blaadjes
houden duizend fluisterpraatjes:
“Wist je dit? – Wist je dat?”
‘k Zou wel willen weten wat!

November (2)

November is de tijd van griep,
van hoesten en van snuiten.
Ik heb weer kriebel in mijn keel,
er is weer mist daarbuiten.

November is de tijd van drop,
van donkere natte straten.
De lichten gaan om vijf uur op,
waar zullen we over praten?

November is een maand van niks,
ik zit me te vervelen.
November is een maand,
van altijd binnenspelen.

Oktober

Oktober, oktober, wat heb je in je zak?
Ik heb een grote zware storm
en regenbuien, oh, enorm
die krijg jij op je dak!

Oktober, oktober, wat heb je voor idee?
Ik heb een mooi ballet, mijn schat,
de blaadjes dansen door de stad
en dwarrelen naar benee.

Oktober, oktober, geef nog wat lekker weer!
Je krijgt wat zon, je krijgt wat kleur.
drie rozen voor je deur,
wat wil je nou nog meer?

Follow Themapalet *’s board Thema: Herfst in het land on Pinterest.

Sinterklaas

Sint Nicolaas werd aan het eind van de 3de eeuw, dus 1700 jaar geleden geboren, in Myra, een stadje in Turkije. Hij stierf op 6 december. Wij vieren dus eigenlijk zijn sterfdag.

Nicolaas van Myra had heel rijke ouders, hij kreeg dit geld toen zij stierven. Hij gaf veel geld aan arme kinderen . Sinterklaas was/is ook een kindervriend, omdat hij een aantal wonderen heeft verricht bij kinderen. Pas in de 13de eeuw gingen de mensen zich als Sinterklaas verkleden. Zwarte Piet stelde eigenlijk de duivel voor. De goede Sint was de baas over de slechte Piet. Toen was Sinterklaas een echte boeman en Zwarte Piet een engerd. Tegenwoordig is de Sint een vriendelijke oude heer en Zwarte Piet een vrolijke grappenmaker geworden. Vooral voor de jongste kinderen het hoogtepunt van het jaar.

sinterklaas

Een haardje in de klas:

Heel gezellig  ‘s morgens bij het binnenkomen. Maak van stevig ribbelkarton (of van een kartonnen doos) een haardje. Een schoorsteenpijp. Wat proppen cellofaan of vliegerpapier erin (oranje, geel of rood) En dan een snoer kerstlichtjes ertussen. Openhaardhout erbij. Wat klompjes met wortels of stro.

Haardje

Sinterklaas verkleedhoek:

Zorg voor Sint en Piet verkleedspullen. En bijvoorbeeld witte handschoenen, een grote ring, het grote boek van Sinterklaas, een zakdoek met een gouden ‘S’ erop. Een staf kan gemaakt worden van een stuk elektrapijp dat bij een uiteinde wordt omgekruld, of van een bezemsteel met een krul gefiguurzaagd uit triplex. Beiden eventueel met goudverf beschilderen. Voor Piet: een baret met pluimveer, een witte kraag (van stof of crêpepapier), een jute zak, wat zwarte schmink (op water basis). Natuurlijk ook een royale spiegel waar de kinderen zichzelf in kunnen bekijken.

pietenkraag

De stoomboot:

Met ribbelkarton de zijkant maken en tegen een bank plakken. Een schoorsteen met watten. Een kaartenstandaard als mast, van het topje van de mast tot de uiteinden van de boot lijntjes spannen en beplakken met vlaggetjes. Een mooie verrekijker erbij, of een anker. Jute zakken en grote pakken.

stoomboot

De inpaktafel:

Allerlei soorten doosjes, plakband en inpakpapier. Stickers, om namen op te schrijven. Jute zakken. Baretten en kragen voor de inpak-pieten.

tabbert

Het bureau van Sint Nicolaas:

Een oud bureau, hoge tafel of je eigen bureau opofferen; hoge stoel erbij. Het grote boek, een typemachine, postpapier, enveloppen, sintpostzegels.  Namenlijst van de kinderen uit de klas. Een kalender om af te tellen hoeveel nachtjes het nog slapen is. Een brievenbus erbij, die door de post-pieten verzorgd wordt.

boek

Het Pietenpostkantoor:

Alle brieven voor en van Sinterklaas worden hier gesorteerd en bezorgd. Er kunnen postzegels, kaarten, doosjes en postpapier worden gekocht. Weegschaal en kassa erbij.

zwarte_piet

Het hemelbed van Sinterklaas:

Een bed uit de poppenhoek.  Aan het plafond grote vitrages hangen, zoals de gordijnen rond een hemelbed. Laat kinderen spullen meenemen als: kussen, sloop, dekbed, overtrek, onderlaken, kruik, wekker enz. Nachtlampje erbij, pot, wat water in een beker, slaapmuts. Zou Sinterklaas ook een knuffel hebben? Hoe ziet de pyjama van Sinterklaas eruit? Heeft hij pantoffels aan? Een kleedje voor zijn bed. Heeft hij misschien een ochtendjas?

hemelbed

De stal van het paard van Sinterklaas:

Spullen uit een manege lenen. Wortels, stro, bix erbij. Een hark, bezem, emmer, een stoffer en blik en een prullenbak erbij.  Stokpaardjes of een hobbelpaard. Groot knuffelpaard.

schimmel

Taal- en denkontwikkeling:

Pietensoorten bedenken:
Neem een groot vel papier en schrijf er allerlei soorten pieten op. Bijvoorbeeld: paardenpiet, pepernotenpiet, enz.

Sinterklaas houdt van:
Schrijf op een groot vel papier alles waar Sinterklaas van houdt. Bijvoorbeeld: Suikergoed, cadeautjes geven, lieve kinderen, het paard, enz.

suikerhart

Woorden over Sinterklaas:

boek

Sinterklaasspreekwoorden:

Ik ben sinterklaas niet – Ik wil niet alles voor niks doen.

Voor sinterklaas spelen – Voor iedereen alles betalen of doen.

Stempelkaartjes over Sinterklaas:

sinterklaas1

sinterklaas2

sinterklaas3

Samen rijmen voor de Sint:

* Waarom rijmt Sinterklaas, denk je?
* In de kring met elkaar een rijm bedenken.

Mini chocoladeletters:

De stempelkaartjes over Sinterklaas maak de woorden met kleine chocoladeletters.

Bijhouden van een kalender:

Hoeveel nachtjes tot schoentje zetten, wanneer komt Piet, wanneer is het Sinterklaasfeest.

snoepslinger

Sorteren, rubriceren:

Cadeautjes sorteren op maat, vorm of gewicht.
Plaatjes van speelgoed rubriceren op rubrieken als: plastic/ hout, met of zonder batterijen, creatieve cadeautjes, baby-, jongens-, meisjesspeelgoed.

Lottospel met dobbelstenen:

proef_lotto

Verkleedspel:

Nodig: grote dobbelsteen en verkleedkleren van Sint en Piet.
Organisatie: in de kring, of in een klein groepje.
Om beurten mogen de kinderen met de dobbelsteen gooien. Als iemand 6 gooit mag die zich gaan verkleden, dit mag hij blijven doen totdat een ander 6 gooit. Dan snel uitkleden en weer meedoen met de dobbelsteen. Wie redt het om alles aan te trekken? Dat is de winnaar en verdient de ‘gouden pepernoot’.

baard

Pepernoten:

150 gr. boter
125 gr. bruine basterdsuiker
1 eetl. speculaas kruiden
250 gr. bloem
1/2 theel. bakmeel
1/2 theel. zout
ongeveer 4 eetl. melk

Kneed alles door elkaar, voeg zoveel melk toe tot een soepele massa ontstaat. Verdeel ongeveer 50 gr. over 9 kinderen. Laat kleine bolletjes deeg op een stukje bakpapier leggen, waar hun naam op staat. Druk de bolletjes iets plat. 15 tot 20 minuten bakken in een voorverwarmde oven van 160 ºC.

pepernoten

Taaitaai:

250 gr. vloeibare honing
1 ei
350 gr. zelfrijzend bakmeel
1 eetl. speculaaskruiden
1 theel. anijszaad
mespuntje zout

Eerst de honing en het ei vermengen daarna de rest erbij. Een uur in de koelkast laten opstijven. Het deeg op een met bloem bestoven werkvlak uitrollen tot een lap van 1 cm. dikte en er figuurtjes uitsteken of in brede repen snijden. Op bakpapier in een voorverwarmde oven van 200 ºC in ongeveer 15 minuten bakken.

taai_taai

Pietengymles:

De kinderen gaan op voor hun Pietendiploma. Ze doen allerlei leuke oefeningen en aan het einde krijgen ze hun diploma.

speculaasjes

De aankomst van Sint en zijn Pieten:

Op de tandem, in een bakfiets, met de camper, op de motor, op een paard, in een kruiwagen, met een helikopter,  brandweer of de politie.

Toen Sinterklaas had verteld dat hij met een echte luchtballon zou komen liep het toch anders. Wij hadden een stuk speelplaats afgezet. En met stoepkrijt een landingsplaats getekend. Maar helaas stond de wind verkeerd en was Sint met zijn luchtballon in een hooiberg terecht gekomen. De boer bracht hem in een kruiwagen. Sint zat onder de strootjes.

Ook is hij een keer met de tractor gekomen Zijn paard was verliefd geworden op de merrie van de boer. Ze stonden samen in de stal! De boer had Sinterklaas toen maar naar school gebracht.

Sinterklaas is ook eens op school in slaapgevallen in een bed uit de poppenhoek. De pieten waren in alle staten, want ze konden Sint niet vinden tot ze hem luid hoorden snurken.

Een andere keer waren er drie nep-sinten: Eentje in een overal, eentje in een ouderwets zwempak en eentje met de verkleedkleren uit de poppenhoek. Ze moesten een quiz doen, om te bewijzen dat ze de “echte” waren. Maar gelukkig kwam de echte even later en werden de nep-sinten weggestuurd.

dak

Knutselwerkjes over Sinterklaas:

Sint en Pietjes  van closetrolletjes:

pietje

Stoomboten:

Neem een doos, twee stroken karton erlangs en vastnieten. Een keukenrol in het midden bevestigen, een draad spannen om vlaggetjes aan te hangen. Een pluim watten in de schoorsteen.

pakjesboot

Schimmel:

Van doosjes en closetrolletjes.

schimmel2

Foppiet:

Een vierkant doosje, met klep maken. Daarin een flinke muizentrap met een pietenhoofd erboven op. Net als een duveltje uit een doosje.

pietuitdoos

Reuze Sint of Reuze Piet:

Met erg veel eierdozen: Per sint/piet 6 eierdozen (voor 10 eieren) en 1 eiertableau (voor 20 eieren)
Schilderen in allerlei mooie kleuren, aan elkaar bevestigen en af maken met crêpepapier en karton.

Grote_Piet

Pietenmuts:

Strook karton, versieren, een stuk crêpepapier erin nieten. Een veer knippen en erop plakken.

Mijter:

Strook karton, de kinderen zelf een driehoek laten tekenen en uitknippen. Een gouden kruis erop.

mijter

Schoentje met wortel:

Vouw een schoentje van vouwkarton (20×20). Stro in het schoentje. Een wortel vormen van een oranje vouwblaadje (10×10) Oprollen als een smal patatzakje en bovenop af werken met een toefje groen crêpepapier.

schoen_wortelvouw

 

Plattevlak ideeën:

Een Piet- of Sinthoofd,
een hele Piet of hele Sint,
een stoomboot,
een schimmel,
Piet op het dak,
Sint op het paard,
Sint in zijn hemelbed,
Sint of Piet in bad,
Sint en Piet gluren door het raam,
Piet en de zak,
cadeautjes in de schoorsteen,
cadeautjes in een schoen,
een klompje met wortel en stro,
Piet aan een ladder,
Piet in een luchtballon,
Piet op z’n kop in de schoorsteen,
Zie de maan schijnt door de bomen,
Het kasteel van sinterklaas,
Dit kan op verschillende manieren uitgevoerd worden, met sitspapier, wasco, verf, potloden of een combinatie.

Kleurplaten:

kleurplaat_sint_en_piet

kleurplaat_pieten_en_sint

De zak van Sinterklaas:

Op een groot vel papier een grote zak tekenen, uit allerlei speelgoed-reclamefolders favoriete cadeautjes laten kiezen en opplakken.

zak

(advertentie)

zak-ys

 

Raamdecoratie:

Uit zwart papier huizen laten knippen, ramen uitprikken, vliegerpapier erachter en tegen de ramen plakken.
Allemaal op een rij en het lijkt wel een straat in de nacht. Er kunnen ook nog een maan en wat sterren bij geplakt worden.

maan

Sinterklaas liedjes en versjes:

Geen schoorsteen

Thuis hebben wij geen schoorsteen, geen schoorsteen, geen schoorsteen!
Daarom staat m’n schoen in de gang bij de brievenbus.
Alles wat in m’n schoen komt, m’n schoen komt, m’n schoen komt,
Moet plat als een boek zijn dat is voor Sint een klus!

pop

In het huis van Sinterklaas

In het huis van Sinterklaas, vlak achter het gordijn.
Zit in de muur een klein rond gat, het is een muizenhuis.
En in dat kleine muizenhuis, tussen brood en kaas.
Wonen kleine muizenpieten en een muizensinterklaas.
‘s Nachts als alle muizen slapen, komt de muizensinterklaas.
Hij stopt hun schoen vol pepernoten en een stukje muizenkaas.

staf

In het stadje Suikerhuizen

In het stadje Suikerhuizen,
ergens in Luilekkerland
Kroelt het van de chocolade muizen.
In hun buikje zit fondant.

sintje

Zingen voor de Sint

Zullen we samen een liedje zingen, samen een liedje voor Sinterklaas?
Dan zal ik op de trommel (bekkens, bellen, triangel) spelen
Piet wil je dansen op de maat? Laat eens kijken hoe dat gaat!
Dag Sinterklaas, dag Zwarte Piet, fijn dat u weer bij ons wil zijn.
Dag Sinterklaas, dag Zwarte Piet, wilt u even luisteren naar ons lied.

baret

Pedro

(als: Ik ken een hond zo zwart als roet)
Ik ken een piet zo zwart als roet en Pedro is zijn naam
Ik ken een piet zo zwart als roet en Pedro is zijn naam
P E D R O, P E D R O, P E D R O, en Pedro is zijn naam

klomp

Zeven knechten

(Als: Abraham had zeven zonen)
Sinterklaas had zeven knechten,
Zeven knechten had Sinterklaas.
Ze aten niet, ze dronken niet.
Ze deden allemaal zo: (maak een beweging)
Ze deden allemaal zo:
Ze deden allemaal zo:

kraag

Sint is een tovenaar

Sint is net een tovenaar.
Nu is hij hier en dan weer daar.
Heb je hem gezien op de televisie?
Heb je hem gezien in de kleutergroep?
Hokus-pokus, kijk, kijk, kijk.
Sint is overal tegelijk

schimmel

Sint is ziek

Sint is ziek en hij ligt in bed.
We hebben nu voor niks onze schoen gezet.
We brengen hem appeltjes van oranje,
dan gaat hij straks weer helemaal gezond naar Spanje.

mijter

De tuin van Sinterklaas

(door:Herman Broekhuizen)
In de tuin van Sinterklaas, tierelan-tiere-tiere-lantijn,
Zie je mooie bloemen bloeien, bloemen van marsepein.

Piet, Piet, pak ze maar gauw! Hollandse kinderen wachten op jou! (2x)

In de tuin van Sinterklaas, tierelan-tiere-tiere-lantoom.,
Zie je pepernoten groeien hoog aan een notenboom.

Piet, Piet, pak ze maar gauw! Hollandse kinderen wachten op jou! (2x)

In de tuin van Sinterklaas, tierelan-tiere-tiere-lantaai.,
Zie je duizend poppen dansen, poppetjes van taai taai.

Piet, Piet, pak ze maar gauw! Hollandse kinderen wachten op jou! (2x)

In de tuin van Sinterklaas, tierelan-tiere-tiere-lantoet.,
Zie je roze beesten lopen beesten van suikergoed.

Piet, Piet, pak ze maar gauw! Hollandse kinderen wachten op jou! (2x)

In de tuin van Sinterklaas, tierelan-tiere-tiere-lantaal.,
Is nu al het moois verdwenen, is het vreselijk kaal.

Piet, Piet, ben je nu klaar? Hartelijk dank, tot volgend jaar! (2x)

peen

Drie klompjes

(door: Herman Broekhuizen)
Een klompje, twee klompjes, drie kleine klompjes,
Op een rijtje bij de haard.
Een klompje, twee klompjes, drie kleine klompjes,
En wat water voor het paard.

Sint, Sint wat zal je me geven,
Sint, Sint wat krijg ik dit jaar?
Sint, Sint ik wil graag een popje (auto, poesje, wat lego)
Sint, Sint toe geef het me maar!

cadeau1

Sinterklaas komt aangereden

Sinterklaas komt aangereden,
over hoge daken.
Zwarte Piet gooit lekkers naar beneden,
jongens dat zal smaken.

Zwarte Piet

(door:Herman Broekhuizen)
Zwarte, zwarte Piet, wat laat je me toch schrikken,
Zwarte, zwarte Piet, dat mag jij niet!
Pietje, Pietje zwart als roet, weet je wat je doet:
Pepernoten strooien, strooien, strooien!
Pietje, Pietje zwart als roet, weet je wat je doet:
Pepernoten strooien, dat is goed!

Hokus, pokus, spinazie, pas

Hokus, pokus, spinazie, pas
‘k wou dat Pieterbaas hier was!
Niet met iedereen erbij,
Hier in huis. Alleen voor mij.

Rommele bommele bom

(door:Thea Zaat)
Rommele bommele bom
Piet gooit alles om,
gluurt door de kieren,
klopt op de deuren,
bonst op de ramen.
Van je rom, bom, bom!

Hoogtevrees

Zeg Sinterklaas, je paard wordt nat.
Hij staat daar in de regen!
Lieve kind dat is geen punt.
Daar kan mijn beestje tegen,
Daar kan mijn beestje tegen.

Maar moet-ie op een flatgebouw,
Dan wordt z’n hinnik hees.
Hoog, dat vindt-ie vrees’lijk naar.
Daar krijgt-ie hoogtevrees.
Heel even hoogtevrees

Sinterklaasje, Sinterklaasje

Sinterklaasje, Sinterklaasje, oh, wat ben ik reuze blij.
Met de pakjes, erg bedankt hoor, ook voor ‘t zakje lekkernij!

Sinterklaasje, Sinterklaasje, wil je nu eens wat van mij?
‘k Heb op school een lief wit paardje zelf gemaakt, het is van klei.

Sinterklaasje, Sinterklaasje, heb je dan nog even tijd,
om vanavond langs te komen als je op de daken rijdt?

Sinterklaasje, Sinterklaasje, ‘k zet het bij m’n schoentje neer
met wat hooi voor ‘t echte paardje en kom volgend jaar maar weer!

Vijf Pietjes

Kijk, ik heb vijf Pietjes op mijn hand!
Die helpen Sint door het hele land.

Dit is de dikke Bakkerspiet
die eet vaak pepernoten, als niemand het ziet.

Dit is Piet met de grote oren,
die kan jullie liedjes heel goed horen.

De langste Piet kan keihard lopen
en de mooiste cadeautjes voor je kopen.

Stalpiet zorgt voor het witte paard,
geeft het eten, drinken en kamt zijn staart.

En wie zorgt er voor het boek van Sinterklaas?
Dat is de kleinste Pieterbaas.

Sinterklaas was ook de beschermheilige van de zeelieden. Iemand aan wie de zeelieden om hulp konden vragen als ze in nood zaten.

Boeken en verhalen over sinterklaas:

‘Nog één nachtje slapen, de feesten van het jaar met Wouter en Mieke’: door: Jacques Vriens/Dagmar Stam. Ook in een los deeltje te verkrijgen, dan heet het: ‘Dag Sinterklaasje.’ ‘Het grote boek voor Sinterklaas’ door: Anne Takens/Dagmar Stam. ‘Sinterklaas en de struikrovers’ door: Harriet Laurey ‘Sinterklaas Kapoentje’ door: Freddie Langeler